De predikant als begeleider

EEN RONDETAFELGESPREK Tijdschrift voor Begeleidingskunde, 8(2), 2019

Een avond in februari, een grote vierkante tafel, brandende kaarsen, vier dominees en twee redactieleden. De predikanten zijn  ingegaan op onze uitnodiging om van gedachten te wisselen over de begeleidingskundige kant van hun werk, en dan met name vanuit het perspectief van ‘veiligheid’. Het is niet toevallig dat deze predikanten hier aan tafel zitten; ze hebben alle vier de opleiding supervisiekunde (later begeleidingskunde) in Groningen gedaan of zijn ermee bezig.

Vier predikanten spreken openhartig met Kees Faber en mij over het predikantschap, veiligheid, contractering, en over wat de seculiere begeleidingskunde kan leren van de geestelijke begeleiding.

TsvB2-19 De predikant als begeleider

Elk verhaal telt

IN GESPREK MET MICHAËL DERKSE Tijdschrift voor Begeleidingskunde, 8(1), 2019

Op een regenachtige novemberdag treffen wij Michaël Derkse in een Alkmaars koffiehuis. Derkse is de grondlegger van de Pulsar Visie en (meer recent) de Audicratie, en – zo lezen we op zijn website – ‘brengt zijn jarenlange ervaring van zijn turbulente persoonlijke levenspad, zijn  enorme bevlogenheid om met mensen onderweg te zijn en zijn expertise op het gebied van duurzame verandering samen in zijn trainingen’. Voor ons zit een op het oog fysiek kwetsbare man. Hij is mager en krijgt extra lucht via een slangetje dat naar een zuurstoffles in een rolkoffertje voert. Tijdens het spreken moet Derkse af en toe op adem komen. Hij vertelt dat hij net zes weken in het ziekenhuis heeft gelegen, vanwege een ziekte die hart en longen aantast. Maar ondanks deze tegenslagen stralen ogen en geest levenslust uit en vertelt hij ons met passie over zijn visie op de mens, onze maatschappij en de wereld. Hij vertelt ons zijn verhaal.

TsvB1-19 Elk verhaal telt

De stem van de ziel als gids op het levenspad

IN GESPREK MET BERTIE HENDRIKS Tijdschrift voor Begeleidingskunde 7(4), 2018

In het kader van het thema van dit nummer – wijsheid – gingen ik, met Kees Faber, in gesprek met Bertie Hendriks, opleider bij en tot voor kort directeur van het Instituut voor Toegepaste Integrale Psychologie (ITIP) te Zutphen.

Wat is wijsheid?
‘Wijsheid is een moeilijk grijpbaar begrip, net zoals liefde. Om te beginnen is het gewoon een woord waar verschillende betekenissen aan hangen. [..] Wijsheid valt moeilijk te omschrijven, net zoals liefde moeilijk te  omschrijven is. Misschien is wijsheid, rationeel gezegd, het vermogen om in elke situatie datgene te zeggen en te doen wat goed en gepast is. Een vermogen dat voortkomt uit een innerlijke bron die, naarmate je ouder wordt, steeds bewuster toegankelijk wordt.’

The elephant in the room

REDACTIONELE COLUMN Tijdschrift voor Begeleidingskunde, 2018

Dit nummer gaat over macht. Een onderwerp waar we het meestal liever niet over hebben. Macht is als het ware ‘the elephant in the room’, om een Engelse uitdrukking te gebruiken. Groots aanwezig en potentieel gevaarlijk, bepalend voor de loop der dingen, voor plaats en positie – en toch moeilijk bespreekbaar. Iedereen ziet dat hij er is, maar er wordt nauwelijks over gepraat, misschien slechts in de wandelgangen. Waarom hebben we het in onze organisaties niet over die olifant? Omdat dan vragen opkomen als: van wie is hij? En: van wie dus ook niet? Hoe bepalend is die olifant voor hoe de dingen gaan? En hoe maak je zoiets lastigs eigenlijk  bespreekbaar? Wat maakt dan dat we het in dit nummer wél over die olifant hebben? Een van onze auteurs zegt het mooi: ‘In organisaties is geen Zwitserland, er is geen neutraal terrein.’ Iedereen heeft dus met die olifant te maken. Zou die minder taboe worden wanneer we het erover hebben? Meer hanteerbaar wanneer we er samen eens naar kijken, de kenmerken beschrijven en woorden geven aan de manier waarop hij de dingen bepaalt?

Macht als woord heeft een vrij negatieve connotatie. Het wordt haast intuïtief als iets vervelends, als iets slechts beschouwd. Verandert er iets als we, in plaats van het woord macht, een ander woord gebruiken? De auteurs die een bijdrage leveren aan dit nummer, hanteren in ieder geval verschillende termen. Kloosterboer recenseert een boek over ‘autoriteit’ (van Verhaeghe). Kampen benadrukt het belang van ‘gezag’ in  verwaarloosde organisaties. Oosthoek en Hetebrij onderzoeken hoe je, in het onvermijdbare spel van macht, als begeleidingskundige ‘invloed’ kunt uitoefenen. Ook Ponjee gebruikt het woord invloed, als het gaat over de relatie tussen begeleider en cliënt. En Geenen stelt dat het in de forensische psychiatrie van essentieel belang is om als begeleider de ‘regie’ te houden. Zo komen verschillende woorden in relatie tot het thema macht voorbij.
Ik wil u uitnodigen eens niet langs, maar naar de olifant te kijken. Misschien kunt u, als u uitgelezen bent, zelfs een beetje om deze olifant lachen. Bijvoorbeeld omdat hij soms zo vreselijk in de weg staat.  Misschien komt u ook wel tot de conclusie dat hij niet zo gevaarlijk is als gedacht. Misschien kunt u zelfs vriendjes worden met de olifant. Dat zou maar beter ook zijn, want macht zit in ieder mens, ook in uzelf. Ook u bent een stukje van de olifant.

In gesprek met Jeffrey Wijnberg

INTERVIEW Tijdschrift voor Begeleidingskunde 6(3), 2017

Voor dit nummer over ethiek sprak ik, samen met Marie-José Geenen, met Jeffrey Wijnberg, psycholoog, publicist en auteur van een groot aantal  populairwetenschappelijke boeken. Wijnberg werkt als gezondheidspsycholoog en psychotherapeut en is met name bekend  geworden met zijn bijzondere stijl van begeleiden: de provocatieve stijl. ‘Uitdagen met liefde en humor’, schrijft hij daar zelf over op zijn website. Het uitdagen bij provocatief behandelen gaat soms ver. Dat is de reden waarom we met hem van gedachten willen  wisselen over de vraag: iemand helpen door te provoceren, kun je dat wel maken?

Woede als nuttige en productieve emotie

BOEKBESPREKING Tijdschrift voor Begeleidingskunde 6(3), 2017

‘Trump vol woede van start’, kopt NRC Handelsblad op zaterdag 21 januari 2017, een kleine week na de inauguratie van Donald Trump als president van de Verenigde Staten. Ik zit op dat moment midden in het boek Woede en vergeving.
De auteur ervan, Martha Nussbaum, is een Amerikaanse filosofe. Zij is als hoogleraar rechtsfilosofie en ethiek verbonden aan de Universiteit van Chicago en is tevens eredoctor aan de Universiteit voor Humanistiek te Utrecht en de Katholieke Universiteit Leuven. Woede en vergeving publiceerde zij in 2016.
Nussbaum introduceert aan het begin van het boek het thema woede aan de hand van figuren uit de Griekse myhtologie: de Furiën en de Eumeniden. In de Griekse tragedie Oresteia transformeren de Furiën – die symbool staan voor de obsessieve, destructieve en ongebreidelde woede – tot Eumeniden. Dit zijn welwillenden die zich uiten met een bedaard gemoed en die vreugde schenken in een geest van gemeenschappelijke liefde. Op dezelfde manier zouden mensen van nu een transformatie moeten maken, vindt Nussbaum. Woede is volgens haar normatief namelijk altijd problematisch.

Ze gaat hierbij in tegen drie clichés over woede die in het dagelijks leven een belangrijke plaats innemen:
• woede is noodzakelijk voor de bescherming van je waardigheid;
• woede vanwege onrechtmatige bejegening is essentieel om de boosdoener serieus te nemen;
• woede is een essentieel onderdeel van de strijd tegen onmacht.

TVB_1703_pp_50-52 DeVries Woede en Vergeving

Zelfonthulling van de begeleider

BOEKBESPREKING Tijdschrift voor Begeleidingskunde 7(2), 2018

Wat laat je als begeleider zien van jezelf binnen een begeleidingscontext? Die vraag stel ik centraal in deze bijdrage, aan de hand van twee boeken: In therapie. Beschouwingen van psychiater en patiënt van Irvin Yalom en Ginny Elkin (1974) en Dagboek van een psycholoog. Meeluisteren in de spreekkamer van Jefffrey Wijnberg (2017).

TsvB2-18 Zelfonthulling van de begeleider

Zelfstandigheid van Zorgteams als taai vraagstuk

BOEKBESPREKING Tijdschrift voor Begeleidingskunde 5(2)

Enkele jaren geleden verscheen Plezier beleven aan taaie vraagstukken van Hans Vermaak. De schijnbare tegenstelling in de titel intrigeerde me: plezier en taai, dat kan toch niet  samengaan? Toch voelde ik intuïtief wat de auteur hiermee bedoelde. Wat nu, als je taaiheid niet ontkent maar onderkent, en leert kennen? Vermaak houdt zich al jaren bezig met  veranderkunde en weet uit ervaring dat er in organisaties vaak sprake is van grote weerbarstigheid. Vraagstukken persisteren ondanks grote investeringen, resultaten vallen tegen ondanks vele inspanningen. Deze weerbarstigheid intrigeerde Vermaak zodanig, dat hij de complexiteit van die vraagstukken beter wilde begrijpen. Welke weerbarstigheden spelen een rol en welke werkingsmechanismen kunnen toch blijvende verandering bewerkstelligen? In een persoonlijk samenspel van onderzoeken, veranderen en professionaliseren heeft hij gezocht naar een antwoord op deze vragen. Hij deed dat toen hij, in opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken, gedurende zes jaar werkte aan dertig verandertrajecten op het terrein van ontwikkelingssamenwerking bij verschillende ambassades. Zijn bevindingen, gerelateerd aan en uitgebreid onderbouwd vanuit de literatuur, kwamen terecht in dit boek.

De hiërarchie voorbij

TIEN WETMATIGHEDEN OVER ZELFSTURING Tijdschrift voor Begeleidingskunde, 6(1)

Met de sterk toegenomen invloed van regel- en controlesystemen in organisaties, is ook de roep om zelfsturing krachtiger geworden. In dit artikel wordt de verschuivende verhouding tussen professionele zelfsturing en hiërarchische controle verkend en wordt de vraag beantwoord welke rol de begeleidingskundige kan vervullen in deze spanningsvolle ontwikkeling in bedrijven en instellingen. In een gedachtewisseling tussen de auteurs worden tien wetmatigheden gepresenteerd die verhelderen dat hiërarchie als zelfsturing tegelijkertijd bestaan in een onderlinge vervlechting. Bij zelfsturing gaat het daarbij niet alleen om individuele beslissingsruimte, maar juist om het zoeken naar horizontale en verticale afstemming en verbinding, in een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Dit geheel kan beschouwd worden als een permanent collectief leerproces, waarbij de begeleidingskundige een essentiële faciliterende rol te vervullen heeft.

Idealen, afwijkingen en begeleiders

HOE IEDERE MAATSCHAPPIJ EIGEN UITVALLERS CREËERT Tijdschrift voor Begeleidingskunde, 5 (3)

Paul Verhaeghe is hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyse aan de Universiteit van Gent. Hij publiceert over de invloed van maatschappelijke veranderingen op psychologische en psychiatrische problemen. Zijn twee meest recente boeken zijn: Identiteit en Autoriteit. In het eerste boek zet hij uiteen dat de context waarin wij leven bepaalt wie wij zijn. En de maatschappij bepaalt nu: wie geen succes heeft, zal ziek zijn. Die norm heeft als nadeel dat de mens eenzamer is dan ooit en dat betekenisvol leven moeilijk is. Vanwege de publicaties van Verhaeghe was de redactie benieuwd naar zijn perspectief op het thema van dit nummer: fouten, falen en fiasco’s. Dit artikel kwam tot stand op basis van zijn boeken en een persoonlijk gesprek met hem.